Vijfentwintig kilometer ten zuidoosten van Curaçao rijst een vlak, door de wind geteisterd eiland amper drie meter boven de zee uit. Klein Curaçao is slechts 1,7 vierkante kilometer zand, rots en stilte. Er zijn geen hotels, geen wegen, geen vaste bewoners. Wat er wel is: een vervallen koraalroze vuurtoren, het roestende skelet van een olietanker die half door de branding is opgeslokt, en enkele van de meest ongerepte witte zandstranden en kristalhelder water die het Caribisch gebied nog te bieden heeft.
De geschiedenis van het eiland leest als een maritieme roman. De Nederlanders arriveerden in 1634 en gebruikten het als quarantainestation voor schepen die met besmettelijke ziekten aankwamen. In 1871 ontdekte de Britse mijnbouwingenieur John Godden rijke fosfaatafzettingen — achtergelaten door duizenden nestende zeevogels — en vijftien jaar lang werd het mineraal gewonnen en naar Europa verscheept als meststof. De mijnbouw verlaagde het eilandoppervlak met zo'n drie meter. De Prins Hendrik Vuurtoren werd voor het eerst gebouwd in 1849 om schepen te waarschuwen voor de verraderlijke stromingen, werd verwoest door een orkaan in 1877, herbouwd in 1879 en nogmaals in 1913. De vuurtorenwachters woonden in aangrenzende kamers zonder stromend water of elektriciteit. Vandaag is de verlaten vuurtoren — de koraalroze verf die afbladdert in de zoutige wind — voorzien van een zonne-energie LED-baken dat nog elke vijftien seconden flitst. Aan de windwaartse kant wordt het wrak van de Maria Bianca Guidesman, een olietanker die in de jaren zestig aan de grond liep, langzaam door de zee teruggeëist.
Maar het is onder het wateroppervlak dat Klein Curaçao werkelijk schittert. De omringende riffen herbergen levendig hard en zacht koraal, tropische vissen en — cruciaal — nestende zeeschildpadden. Karetschildpadden, onechte karetschildpadden en groene zeeschildpadden broeden allemaal op de stranden van het eiland, waardoor het een van de belangrijkste schildpadnestplaatsen van het Nederlands Caribisch gebied is. Het eiland werd in 2018 aangewezen als beschermd Ramsar-wetland, en natuurherstelprojecten van onderzoeksstation CARMABI werken aan het herstel van de vegetatie na decennia van schade. Snorkelen aan de lijzijde voelt als drijven in een aquarium — het zicht is buitengewoon en het rif begint op slechts enkele stappen van het strand.
Eilandtip
Bij de meeste aanbieders duurt de overtocht 1,5 tot 2 uur, maar met Seafari Adventures bereik je Klein Curaçao in slechts 30 tot 40 minuten. Dankzij de snelheid, het unieke ontwerp en de grootte van de Rupert 50 scheert zij over de golftoppen heen — zeeziekte is daardoor vrijwel nooit een probleem. Neem voldoende zonnebrand mee — er is beperkte natuurlijke schaduw op het eiland. Het noordelijke strand biedt kalm, beschut water perfect om te snorkelen, terwijl de zuidelijke windwaartse kant te ruw is om te zwemmen maar prachtig om langs te wandelen.
